Nederlandse ambassade in Tirana, Albanië

Stage lopen in Albanië: een zeldzame bloem aan de rand van een klif vinden

Door stagiair Louk Bracco Gartner

Er zijn een hoop reisbureaus die maar al te graag adverteren met teksten als ‘exotisch’ en ‘avontuurlijk’ als ze een bestemming aanbieden. Vaak betreft dit oorden ver van ons volledig in kaart gebrachte Europa. Een gelukzalige verrassing was het dan ook om erachter te komen dat een van de meest interessante, onontgonnen en authentieke landen eigenlijk bij ons (Nederlanders) om de hoek ligt: Albanië.

Het oude centrum van 'The Stone City' Gjirokastër

De eerste reacties nadat ik vertelde stage te gaan lopen op de Nederlandse ambassade in Tirana werden gekenmerkt door ongeloof, verbazing en verwarring. Waar? Waarom daar? Wat is daar? Reacties die ik niemand eigenlijk kwalijk kon nemen, aangezien ik zelf tot een paar weken ervoor net zo weinig wist over het land. Het was pas na uren lezen dat ik een beeld had gekregen van de geschiedenis, de cultuur en het huidige politieke klimaat. Toen was ik direct enthousiast, terwijl ik nog niet eens de mogelijkheden had verkend wat vrijetijdsbesteding betreft.

Werken op de ambassade

Een stage lopen op ‘een’ Nederlandse ambassade was namelijk sinds enkele jaren mijn doel. Na journalistiek gestudeerd te hebben en als freelancer te werken, besloot ik terug te gaan naar de universiteit en een master Internationale Betrekkingen te volgen. Dit bevredigde mijn drang naar, hoe abstract het ook klinkt, het ‘beter begrijpen van de wereld’. Waarom gedragen actoren zich zo in bepaalde situaties? Hoe werk je samen? En hoe maken we de wereld stukje bij beetje wat beter?

Dat klinkt idealistisch, maar na maanden stage lopen ben ik erachter gekomen dat het niet onrealistisch is. Het organiseren en coördineren van projecten op het terrein van rechtsstaatontwikkeling en mensenrechten, het simpelweg luisteren naar verschillende mensen en het deelnemen aan workshops en conferenties van allerlei organisaties maken dat je een land, een volk en een cultuur snel gaat begrijpen. Wat betekent dat je op korte termijn en met een open houding iets kan bijdragen. Extra fijn is dat het ambassadepersoneel nieuwkomers hier ook nog eens met open armen ontvangt en je direct als een van hen beschouwt.

De charme van het land

Waaraan ik ook gehoopt heb een beetje bij te dragen, naast mijn officiële uren voor de ambassade, is het imago van het land. In de zomer arriveerde ik hier en de eerste drie maanden heb ik praktisch geen weekend doorgebracht in Tirana. Met de bus of huurauto ben ik er op uit getrokken en heb ik praktisch alle wegen bereden. Op zoek naar een nieuw dorp, kleine stad, eeuwenoude kerk, krakende brug, overwoekerde ruïne, onbegaanbaar bergpad of verlaten strand. Deze opsomming kan nog pagina’s doorgaan – en dat vertelt tevens het verhaal van Albanië.

Alles is nog puur. Maak kilometers met de auto en je waant je op één dag in vier verschillende landschappen. De ezel-en-wagen met lachende oude baas op de bok is meer regel dan uitzondering. De duizenden bunkers uit de communistische tijd idem dito. Het is een land met littekens, maar ook één waar hoop aan de prachtige horizon gloort. De mentaliteit van de bevolking is in bepaalde opzichten anders dan die van ons, maar qua vriendelijkheid onovertroffen. Als je er met een mengelmoes van Albanees, Engels, Duits en Italiaans niet direct uitkomt, doet een glaasje rakia of twee de rest.

Toerisme in de toekomst

Het is voor de reizigers onder ons een unieke bestemming. Eén waar nog ontzettend veel te halen valt, want de infrastructuur laat te wensen over: er rijden geen treinen en een busstation is soms goed zoeken. Ook gaat er pas vanaf april 2017 een directe vlucht naar Tirana. Toch stijgt het activiteitenaanbod van reisorganisaties binnen het land en dus zal er de komende jaren vanzelf een influx aan toeristen komen. Een ontwikkeling die, al klinkt dat wat egoïstisch, twee kanten heeft: het is fantastisch voor de economische groei en imago van het land, maar het rauwe, pure en authentieke zou langzaam kunnen verdwijnen. Een bemoedigend initiatief van de ambassade is dan ook het stimuleren van duurzaam agrotoerisme, om zo het bestaan van typisch Albanese producten als olijfolie, citrusvruchten en honing te waarborgen en te delen met een breder publiek.

Zonder twijfel gun ik Albanië het allerbeste. Elke verwachting is overtroffen en dat enthousiasme heb ik over kunnen dragen aan mijn vriendin, ouders, broer en twee vriendengroepen, die allemaal op bezoek zijn geweest en voldaan huiswaarts keerden. Ik heb hier straks zes maanden als stagiair gewerkt, maar voor het thuisfront in Nederland heb ik me ook ambassadeur van Albanië gevoeld.

Het Mangalem district in Berat, onderdeel van de UNESCO Werelderfgoedlijst